Klei,(bak)steen en fabrieken in Groningen

Gebakken Groninger klei

In de provincie Groningen worden vanaf de 12e eeuw stenen gebakken. Aanvankelijk alleen ten behoeve van kerken en kloosters (de zogenaamde kloostermoppen), maar al spoedig ook voor de steenhuizen van de land adel en weer later voor boerderijen en stedelijke bebouwing. Dit laatste om het gevaar van brand in de binnensteden te reduceren. Het produceren van stenen gebeurde kleinschalig en ze werden alleen voor lokaal gebruik gebakken.


Door de industriƫle ontwikkeling halverwege de 19e eeuw nam de vraag naar stenen en dakpannen fors toe. Dat was zo voor heel Nederland, maar in Groningen is er nog een keramisch product waarnaar grote vraag ontstond, namelijk draineerbuizen om landbouwgrond te ontwateren.
Remko Eppes Huisman, landbouwer op de Cleveringeheerd te Usquert ziet zijn kans en vraagt bij het provincie bestuur toestemming om een 'stenen, pannen en buizen fabryk daartestellen' aan het Boterdiep nabij Eelswerderdam, tussen Kantens en Rottum. Hij krijgt op 30 april 1857 de vergunning en zo wordt hij een van de eerste fabrikanten (tichelheer) van draineerbuizen in de provincie Groningen. Het productieproces zal hij wel hebben overgelaten aan de terzake kundige brandmeester/bedrijfsleider. Meer over (de productie van) draineerbuizen en andere keramische materialen is te vinden op de pagina producten.


Door de toenemende vraag halverwege de 19e eeuw is de steenfabricage in Groningen 'booming'. De ene na de andere ondernemer begint een steenfabriek en in 1880 zijn er 61 producerende steenbakkerijen in de provincie. Dit aantal blijft min of meer constant tot 1910 waarna het geleidelijk afneemt tot 1 (Steenindustrie Strating in Oude Pekela). Die bedrijven waren gelegen aan goede aan- en afvoerwegen (meestal kanalen of rivieren) in gebieden waar of de grondstof (klei) danwel brandstof (turf) aanwezig is. Turf werd aanvankelijk als brandstof gebruikt, later vervangen door steenkool.



Omstreeks 1900 waren er rond Rottum drie steenfabrieken (tichelwerken) actief.
Steenfabriek Delthuizen (1876 - 1915) links onder
Tichelwerk aan het Helwerdermaar (1869 - 1912)
Steenfabriek Ceres (1857 - 1968)


Na de sluiting van twee van de drie Rottummer steenfabieken kon Ceres de productie verhogen en investeren in een vernieuwing; in 1916 werd de zigzagoven met 14 kamers gebouwd. Maar in de provincie als geheel nam de productie gedurende de 20e eeuw gestaag af. Er zijn veel steenfabrieken geheel verdwenen, maar in noord Groningen zijn nog steenfabriek restanten te vinden. Met name langs het Winsumerdiep tussen Winsum en Onderdendam, het Damsterdiep en het Boterdiep.


Noord Groningen is ook het gebied waar vele huizen (met name de oudere) opgetrokken zijn van bakstenen met een kenmerkende rode kleur. De steenfabrieken nabij de hier boven genoemde diepen zijn alle gelegen in gebieden waar kalkarme maar ijzerrijke klei is gesedimenteerd. Stenen die van deze ijzerrijke klei worden gebakken hebben na het bakproces een (helder) rode kleur gekregen.

Rond Rottum

© 2018 Bert Lanjouw Creative Commons-Licentie
Dit werk valt onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland-licentie.
links